Darmkrampjes baby
Bijna elke baby heeft er weleens last van: darmkrampjes. Je baby lijkt dan zo ontroostbaar en als ouder kun je dan soms echt ‘met je handen in het haar zitten’.
Maar waar komen die krampjes nou vandaan, hoe merk je dat je baby daar last van heeft en wat kan je ertegen doen?
Heel veel baby’s hebben last van darmkrampjes. De heftigste periode is meestal tussen zes weken en vier maanden. Als je baby een half jaar is, zijn de darmkrampjes vaak wel weer verdwenen.
Ontdek en stimuleer de mentale ontwikkeling van jouw baby
Download nuSymptomen darmkrampjes
Darmkrampjes zijn natuurlijk naar voor je kleine uk. En dat merk je als ouder ook. De volgende symptomen kunnen erop wijzen dat je baby last heeft van krampjes:
- Tijdens en na de voeding kan je baby lang en hard huilen (ontroostbaar);
- Meer klachten aan het eind van de middag en in de avond;
- Een opgezet, gespannen buikje;
- Sommige baby’s ballen hun vuistjes, overstrekken zich, schoppen met beentjes en voetjes, trekken de beetjes op tot aan hun borst, of zwaaien met hun armen heen en weer;
- Borrelende darmen;
- Veel windjes;
- Een rood aangelopen hoofdje;
- Je baby slaapt slecht (waardoor de klachten ook nog eens erger kunnen worden!).
Oorzaken darmkrampjes
Over de oorzaken van darmkrampjes is veel informatie te vinden. Hieronder een overzicht met de meest genoemde oorzaken van darmkrampjes.
- Rijping van het maagdarmstelsel
- Lucht in de darmpjes (gulzig drinken, slecht boeren)
- Voeding (te veel in één keer)
- Koemelkallergie
- Voeding moeder
Over de invloed van jouw voeding als moeder en de rijping van het darmstelsel zijn wetenschappers het lang niet altijd met elkaar eens. Toch merken sommige ouders verschil wanneer ze hun eigen voeding tijdelijk aanpassen.
Gevoelige voedingsmiddelen kunnen bijvoorbeeld zijn:
- Koemelk en melkproducten
- Cafeïne (koffie, cola)
- Uien, knoflook, koolsoorten
- Pikante of sterk gekruide gerechten
- Peulvruchten
Merk je dat je baby veel last heeft van darmkrampjes? Dan kun je proberen één van deze groepen een paar dagen weg te laten om te zien of het verschil maakt. Doe dit altijd stap voor stap en overleg bij twijfel met je consultatiebureau, huisarts of een lactatiekundige.
Want onthoud: elk kindje is anders. Wat voor de één werkt, doet voor de ander misschien niets. Volg je gevoel en blijf vooral goed naar je baby kijken.